Inleiding
De gemeente beheert en onderhoudt kapitaalgoederen in de openbare ruimte en het gemeentelijk vastgoed. Goed beheer en onderhoud is nodig om deze kapitaalgoederen veilig, bruikbaar en duurzaam in stand te houden en kapitaalvernietiging te voorkomen.
In deze paragraaf geven we inzicht in het beleid, het gewenste kwaliteitsniveau, de beheer- en onderhoudsplannen en de financiële gevolgen voor de categorieën die op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) in ieder geval aan de orde komen: wegen, riolering, water, groen en gebouwen.
De beheeropgave van de openbare ruimte neemt toe door areaalgroei, taakoverdrachten en de leeftijdsopbouw van de kapitaalgoederen. Met het door de raad vastgestelde financiële ingroeipad groeien de beschikbare middelen naar het niveau dat nodig is om het onderhoud structureel en planmatig uit te voeren. De uitvoerbaarheid blijft daarbij een belangrijk aandachtspunt: beschikbare middelen moeten tijdig kunnen worden omgezet in voorbereiding en uitvoering.
Overzicht beleidskaders, kwaliteit en financiën
Categorie | Beleidskaders | Gewenst kwaliteitsniveau | Beheer- en onderhoudsplannen / looptijd plannen | Financiële consequenties conform plannen |
|---|---|---|---|---|
Wegen | Integraal beleidsplan Openbaar Gebied 2016 | Sober en doelmatig. Het merendeel van de openbare ruimte wordt op niveau B en C onderhouden. | Beheerplan wegen 2019-2023, financieel geactualiseerd | € 5.258.814 |
Riolering | Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) 2022-2027 | Een doelmatig en betrouwbaar functionerend stelsel voor afvalwater, hemelwater en grondwater, overeenkomstig het PSWR. | Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) 2022-2027 | € 6.960.178 |
Water | Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) 2022-2027, regelgeving en legger HHNK | Watergangen voldoen aan het vereiste legger- of onderhoudsprofiel en kunnen hun functie voor waterafvoer en waterberging vervullen. Daarnaast streven we naar een robuust watersysteem en dragen we bij aan de waterkwaliteit en KRW-doelstellingen. | Beheerplan waterbodems 2023-2032 | € 606.048 |
Groen | Beleidsplan Ecologie en biodiversiteit in Schagen | Sober, doelmatig en duurzaam beheer, afgestemd op functie, locatie en ecologische waarde. Veiligheid en functionaliteit zijn geborgd; waar passend wordt ecologisch beheerd. | Beheerplan groen | € 3.631.536 (groen) € 1.245.756 (bomen) |
Gebouwen (incl. onderwijs) | Vastgoed-beleid | Basis voor gebouwen die in stand worden gehouden; beperkt voor gebouwen die zijn aangewezen voor sloop, herontwikkeling, herbestemming of renovatie. | Meerjarenonderhoudsplannen 2027 (MJOP's), gebaseerd op periodieke inspecties volgens NEN 2767. | € 788.809 |
* De BBV-categorieën zijn als hoofdcategorie gebruikt
Wegen
Beheer en kwaliteitsniveau
Als wegbeheerder zijn we verantwoordelijk voor het veilig en bruikbaar houden van onze gemeentelijke wegen. We voeren onderhoud uit om de functie van de verhardingen in stand te houden, onveilige situaties te voorkomen en kapitaalvernietiging tegen te gaan.
In 2025 en 2026 is het gemeentelijke areaal visueel geïnspecteerd conform CROW-publicatie 146b. Op basis daarvan zijn de technische kwaliteit en de onderhoudsbehoefte voor 2027–2031 bepaald volgens de CROW-systematiek voor wegbeheer.
Binnen deze systematiek onderscheiden we drie technische kwaliteitsniveaus:
voldoende: onderhoud is naar verwachting pas over vijf jaar of later nodig;
matig: onderhoud is naar verwachting over circa drie tot vijf jaar nodig;
onvoldoende: de richtlijn is bereikt en onderhoud is op korte termijn, binnen nul tot twee jaar, nodig.
Voor de onderhoudsprogrammering is het uitgangspunt dat verhardingen de CROW-richtlijn niet overschrijden. Wanneer de richtlijn wordt bereikt of overschreden, wordt een onderhoudsmaatregel voorzien.
Areaal en actuele staat
We beheren circa 3,78 miljoen m² verharding. Daarvan bestaat 49,53% uit asfaltbeton, 48,72% uit elementenverharding en 1,75% uit cementbeton.
De inspectie 2025–2026 geeft het volgende beeld:
Technische kwaliteit | Aandeel |
|---|---|
Voldoende | 58,68% |
Matig | 13,88% |
Onvoldoende | 27,43%, |
Technische kwaliteit 'onvoldoende' betekent dat onderhoud binnen nul tot twee jaar nodig is. Binnen deze categorie kan sprake zijn van achterstallig onderhoud. Dit geldt voor 21,10% van het areaal. Dit betreft verhardingen met beeldkwaliteit D, waarbij de technische kwaliteit onder de CROW-richtlijn ligt. Het aandeel achterstallig onderhoud ligt daarmee boven het door de gemeente gewenste kwaliteitsniveau (max. 9%). De onderhoudsopgave is er daarom op gericht het aandeel achterstallig onderhoud terug te brengen. De achterstand komt in absolute omvang vooral voor bij licht belaste wegen en wegen in woongebieden. Dit hangt mede samen met het feit dat deze wegtypen een groot deel van het gemeentelijke areaal vormen. Bij de onderhoudsprogrammering geven we prioriteit aan locaties waar de technische staat, veiligheid en het risico op verdere achteruitgang daarom vragen.
Onderhoudsopgave 2027-2031
Op basis van de weginspectie 2025/2026 is een theoretische CROW-basisplanning opgesteld. Op basis van het actuele prijspeil bedraagt de berekende onderhoudsbehoefte voor de periode 2027–2031 circa € 28,0 miljoen, gemiddeld € 5,6 miljoen per jaar. De theoretische basisplanning kent een hoge onderhoudsbehoefte aan het begin van de planperiode. Dit komt doordat de basisplanning ervan uitgaat dat achterstallig onderhoud en technisch urgente maatregelen op korte termijn worden uitgevoerd. De basisplanning is daarmee geen feitelijk uitvoeringsprogramma. In de daadwerkelijke programmering spreiden we de werkzaamheden over meerdere jaren en prioriteren we op technische urgentie, veiligheid, het voorkomen van kapitaalvernietiging en doelmatigheid. Waar mogelijk combineren we werkzaamheden met andere projecten in de openbare ruimte.
Financiële toereikendheid en uitvoerbaarheid
Voor de berekende onderhoudsbehoefte van gemiddeld € 5,6 miljoen per jaar zijn binnen het financiële kader voldoende middelen beschikbaar. Hiermee kunnen we de komende jaren gericht werken aan het terugbrengen van het achterstallig onderhoud en het op peil houden van de kwaliteit van onze wegen.
De beschikbaarheid van financiële middelen betekent niet dat de volledige onderhoudsopgave direct kan worden uitgevoerd. De omvang van de opgave vraagt voldoende uitvoeringskracht binnen de gemeentelijke organisatie én voldoende capaciteit bij marktpartijen. We zetten daarom in op een meerjarige en realistische programmering, waarbij we beschikbare middelen, uitvoeringscapaciteit en marktcapaciteit zo goed mogelijk op elkaar afstemmen.
Een risico is dat onvoldoende capaciteit binnen de organisatie of in de markt ertoe leidt dat werkzaamheden later worden uitgevoerd dan technisch gewenst. Hierdoor kan het langer duren om het achterstallig onderhoud terug te brengen en kan verdere achteruitgang leiden tot hogere toekomstige onderhoudskosten. We beheersen dit risico door tijdig te programmeren, werkzaamheden waar mogelijk integraal uit te voeren en prioriteit te geven aan maatregelen die vanuit veiligheid en technische staat het meest urgent zijn.
Ontwikkelingen 2027
In 2027 ligt de nadruk op het uitvoeren van de geprogrammeerde onderhoudsmaatregelen en het terugbrengen van het achterstallig onderhoud. We geven daarbij prioriteit aan de technisch meest urgente maatregelen. Tegelijkertijd werken we aan het vergroten van de uitvoeringskracht, zodat de beschikbare financiële middelen de komende jaren zo effectief mogelijk kunnen worden ingezet.
Wegen (x1000) | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|
Onderhoud | € 1.514 | € 1.519 | € 1.479 | € 1.479 |
Kapitaallasten | € 1.472 | € 1.471 | € 1.469 | € 1.469 |
Totaal | € 2.986 | € 2.990 | € 2.948 | € 2.948 |
Riolering
Beheer en kwaliteitsniveau
We zijn verantwoordelijk voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater en hebben zorgplichten voor hemelwater en grondwater. Het beleid hiervoor is vastgelegd in het Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) Schagen 2023–2027.
Het beheer is gericht op een doelmatig en betrouwbaar functionerend rioolstelsel. We onderhouden, inspecteren en vervangen onze voorzieningen om de werking van het stelsel te borgen en risico's voor de leefomgeving, volksgezondheid en het milieu te beperken.
Bij vervanging kijken we niet alleen naar de technische levensduur. De daadwerkelijke toestand en het functioneren van het stelsel zijn bepalend voor het moment waarop maatregelen nodig zijn. Waar mogelijk combineren we rioolvervanging met andere werkzaamheden in de openbare ruimte en benutten we deze momenten om het watersysteem klimaatbestendiger in te richten.
Areaal en actuele staat
Het gemeentelijke rioolareaal bestaat uit vrijvervalriolering, drukriolering, persleidingen, drainage, gemalen en bijbehorende voorzieningen.
Onderdeel | Omvang |
|---|---|
Gemengde riolering | 91 km |
Vuilwaterriolering | 122 km |
Hemelwaterriolering | 145 km |
Overige vrijvervalriolering | 157 km |
Drukriolering | 70 km |
Persleidingen | 55 km |
Drainagetransport | 148 km |
Hoofdgemalen | 78 |
Pompunits drukriolering | 580 |
Op basis van de beschikbare inspectie- en beheerinformatie verkeert het rioolstelsel, rekening houdend met de leeftijd, in algemene zin in een goede conditie.
Een belangrijk deel van het rioolstelsel is echter aangelegd in de periode 1960–1980. Hierdoor bereikt de komende jaren een steeds groter deel van het areaal het einde van de verwachte technische levensduur. Dit leidt tot een toenemende vervangingsopgave. De totale vervangingswaarde van het rioolareaal bedraagt circa € 190 miljoen, uitgaande van een periode van 60 jaar.
De technische levensduur is daarbij niet automatisch het moment van vervanging. Door inspecties en risicogestuurd beheer bepalen we waar en wanneer daadwerkelijk maatregelen nodig zijn. Hiermee voorkomen we dat voorzieningen te vroeg worden vervangen en kunnen we beschikbare middelen gericht inzetten.
Onderhouds- en vervangingsopgave
De komende jaren verschuift de opgave steeds meer van regulier beheer en onderhoud naar vervanging van verouderde riolering en gemalen. De leeftijdsopbouw van het stelsel zorgt ervoor dat deze vervangingsopgave naar verwachting verder toeneemt.
Bij de programmering kijken we integraal naar de technische toestand, het functioneren van het stelsel en ontwikkelingen in de openbare ruimte. Waar mogelijk combineren we rioolvervanging met wegonderhoud en herinrichtingsprojecten. Daarbij benutten we vervangingsmomenten ook voor maatregelen op het gebied van hemelwater en klimaatadaptatie.
Het PSWR 2023–2027 vormt het huidige beleidsmatige en financiële kader. Voor de periode na 2027 is actualisatie van dit kader nodig, waarbij de ontwikkeling van de vervangingsopgave en de bijbehorende financiële gevolgen opnieuw worden bepaald. Hiermee is gestart.
Financiële toereikendheid en uitvoerbaarheid
De kosten voor de gemeentelijke watertaken worden gedekt uit de rioolheffing. Hiermee bekostigen we het beheer en onderhoud, de vervanging en verbetering van het rioolstelsel en de gemalen en de voor deze taken benodigde personele inzet.
De leeftijdsopbouw van het rioolstelsel leidt de komende jaren tot een toenemende investeringsbehoefte. Binnen de rioolheffing wordt rekening gehouden met deze ontwikkeling. Ook bij riolering is de uitvoerbaarheid een belangrijk aandachtspunt. De groeiende vervangingsopgave vraagt voldoende capaciteit voor onderzoek, voorbereiding, projectleiding, aanbesteding, directievoering en toezicht. Daarnaast zijn we voor de daadwerkelijke uitvoering afhankelijk van de beschikbare capaciteit bij marktpartijen.
Een risico is dat onvoldoende uitvoeringscapaciteit ertoe leidt dat geplande investeringen later worden gerealiseerd. Hierdoor kan vervanging worden uitgesteld en kunnen de risico's op storingen, wateroverlast en hogere herstelkosten toenemen. We beheersen dit risico door de vervangingsopgave meerjarig te programmeren, prioriteiten te stellen op basis van technische toestand en risico's en werkzaamheden waar mogelijk te combineren met andere projecten in de openbare ruimte.
Ontwikkelingen 2027
In 2027 voeren we de maatregelen uit het PSWR 2023–2027 verder uit. De nadruk ligt op het in stand houden van een goed functionerend rioolstelsel en het voorbereiden en uitvoeren van de noodzakelijke vervangingen.
We blijven daarbij inzetten op risicogestuurd beheer. Inspecties en actuele beheerinformatie bepalen waar maatregelen het meest noodzakelijk zijn. Waar mogelijk combineren we rioolvervanging met wegonderhoud, herinrichting en klimaatadaptieve maatregelen.
Daarnaast bereiden we ons voor op de periode na afloop van het huidige PSWR. Daarbij brengen we de toekomstige beheer- en vervangingsopgave, de benodigde uitvoeringscapaciteit en de financiële gevolgen voor de rioolheffing opnieuw in beeld.
Riolering (x1000) | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|
Onderhoud | € 2.667 | € 3.836 | € 3.836 | € 3.836 |
Kapitaallasten | € 823 | € 823 | € 823 | € 823 |
Totaal | € 3.490 | € 4.659 | € 4.659 | € 4.659 |
Water
Beheer en kwaliteitsniveau
We beheren de gemeentelijke watergangen zodat deze hun functie voor waterafvoer en waterberging kunnen vervullen. Daarbij kijken we niet alleen naar de technische staat van de watergangen, maar ook naar de bijdrage van het oppervlaktewater aan klimaatbestendigheid, waterkwaliteit en ecologie.
In het Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) 2023–2027 zijn voor oppervlaktewater drie ambities opgenomen: het borgen van de doorstromingsfunctie van het stedelijk oppervlaktewater, bijdragen aan de doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) en het vergroten van de robuustheid van het watersysteem. Een goede doorstroming is onder meer nodig om water dat vanuit de riolering en bij hevige neerslag op het oppervlaktewater wordt afgevoerd te kunnen verwerken. Ook zetten we in op het vasthouden en bergen van water en, waar mogelijk, op natuurvriendelijke inrichting van oevers.
Het concrete beheer en onderhoud van de gemeentelijke watergangen is uitgewerkt in het Baggerplan gemeente Schagen 2023–2032. Binnen de gemeente ligt circa 216 kilometer aan watergangen waarvoor de gemeente een onderhoudstaak heeft. Het grootste deel daarvan bestaat uit wegsloten. De primaire functie van het merendeel van deze watergangen is waterafvoer en waterberging.
Het gewenste technische kwaliteitsniveau wordt bepaald door het profiel waaraan een watergang moet voldoen. Hiervoor wordt aangesloten bij de legger van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Voor watergangen waarvoor geen leggerdiepte beschikbaar is, zijn in het Baggerplan minimale waterdiepten vastgesteld. Wanneer een watergang niet meer aan het vereiste profiel voldoet, is het onderhoudsniveau ontoereikend en is baggeronderhoud noodzakelijk.
Areaal en actuele staat
Voor het Baggerplan is het gemeentelijke areaal ingemeten. Daarbij zijn de ligging van de sliblaag, de vaste bodem en het waterpeil bepaald. Op basis hiervan is per watergang de hoeveelheid aanwezige baggerspecie en de onderhoudsbehoefte bepaald.
Voor water hanteren we geen algemeen kwaliteitspercentage zoals bij wegen. De technische kwaliteit wordt beoordeeld aan de hand van de beschikbare waterdiepte ten opzichte van het vereiste profiel. Bij het opstellen van de onderhoudsplanning wordt getoetst aan de minimale waterdiepte en wordt een minimale slibdikte van 0,15 meter gehanteerd. Watergangen met de grootste baggerachterstand worden als eerste geprogrammeerd.
Het gewenste kwaliteitsniveau kan daarmee worden omschreven als: de gemeentelijke watergangen voldoen aan het vereiste legger- of onderhoudsprofiel en zijn voldoende in staat hun functie voor waterafvoer en waterberging te vervullen. Vanuit het PSWR kijken we daarnaast breder naar de bijdrage van het oppervlaktewater aan een robuust en klimaatbestendig watersysteem en aan de waterkwaliteit.
Onderhoudsopgave 2027–2032
Het baggeronderhoud is voor de periode tot en met 2032 meerjarig geprogrammeerd. De watergangen zijn hiervoor verdeeld over geografische clusters. Bij de programmering worden watergangen met de grootste baggerachterstand als eerste aangepakt en worden werkzaamheden zoveel mogelijk per gebied gebundeld.
Voor de periode 2027–2032 is jaarlijks circa 15.000 tot 19.500 m³ te verwijderen baggerspecie voorzien. De geraamde jaarlijkse kosten liggen in deze periode tussen circa € 543.000 en € 661.000. Over de gehele planperiode 2023–2032 bedragen de geraamde kosten circa € 5,5 miljoen. De bedragen zijn gebaseerd op prijspeil 2023, exclusief btw en met een jaarlijkse indexatie van 3%. Naast het reguliere baggeronderhoud werken we vanuit het PSWR aan de verbinding tussen oppervlaktewater, klimaatadaptatie, biodiversiteit en natuur. Ook kijken we naar maatregelen die de bergingscapaciteit en robuustheid van het watersysteem vergroten.
Financiële toereikendheid en uitvoerbaarheid
Voor het geplande baggeronderhoud is in het Baggerplan 2023–2032 de meerjarige financiële behoefte in beeld gebracht. Voor de periode vanaf 2027 bedraagt deze op basis van het plan gemiddeld ongeveer € 600.000 per jaar. Het Baggerplan adviseert om jaarlijks voldoende budget beschikbaar te stellen voor de geplande werkzaamheden. Het plan zelf geeft echter geen oordeel of de in de gemeentelijke begroting beschikbare middelen volledig aansluiten op deze berekende onderhoudsbehoefte.
De uiteindelijke kosten van het baggeronderhoud zijn mede afhankelijk van de hoeveelheid, kwaliteit en verwerkingsmogelijkheden van de vrijkomende baggerspecie. Wanneer specie lokaal kan worden verwerkt of verspreid, zijn de kosten aanzienlijk lager dan wanneer deze naar een externe verwerker moet worden afgevoerd. Ook nieuwe verontreinigende stoffen of andere beperkingen in de verwerking kunnen tot hogere kosten leiden. Het Baggerplan merkt daarom op dat de werkelijke kosten zowel positief als negatief van de ramingen kunnen afwijken. We zetten daarom in op een meerjarige en gebiedsgerichte programmering. Waar mogelijk combineren we baggerwerkzaamheden met onderhoud aan oevers, bruggen en andere objecten en zoeken we naar doelmatige mogelijkheden voor de verwerking van baggerspecie. Ook wordt de beheerinformatie bij de voorbereiding van werkzaamheden verder geactualiseerd. Daarmee kunnen we de onderhoudsopgave steeds nauwkeuriger programmeren en financiële risico's zoveel mogelijk beheersen.
Ontwikkelingen 2027
In 2027 voeren we het geprogrammeerde baggeronderhoud verder uit. Volgens het Baggerplan is voor dat jaar circa 23,7 kilometer watergang geprogrammeerd, waarbij naar verwachting circa 19.100 m³ baggerspecie wordt verwijderd. De geraamde kosten bedragen circa € 606.000. Voorafgaand aan de uitvoering worden de hoeveelheden en de kwaliteit van de baggerspecie nader onderzocht en wordt de meest doelmatige verwerkingswijze bepaald.
Daarnaast werken we verder aan de bredere ambities voor oppervlaktewater uit het PSWR: het borgen van de doorstroming, het bijdragen aan de KRW-doelstellingen en het vergroten van de robuustheid van het watersysteem. Daarbij betrekken we ook klimaatadaptatie, biodiversiteit en natuur.
Water(x1000) | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|
Onderhoud | € 764 | € 764 | € 764 | € 764 |
kapitaallasten | € 19 | € 19 | € 19 | € 19 |
Totaal | € 783 | € 783 | € 783 | € 783 |
Groen
Beheer en kwaliteitsniveau
We beheren het openbaar groen en de gemeentelijke bomen met als uitgangspunt een sober, doelmatig en duurzaam beheer. Het beheer is gericht op het in stand houden van de functie en kwaliteit van het groen, het borgen van de veiligheid en het voorkomen van kapitaalvernietiging.
De onderhoudsintensiteit stemmen we af op de functie, locatie en inrichting van het groen. Het Integraal beleidsplan Openbaar Gebied vormt hiervoor het bestaande beheerkader. Daarin is vastgelegd dat het groenonderhoud aan een minimaal onderhoudsniveau voldoet en dat de intensiteit wordt afgestemd op het assortiment en de functie van de beplanting.
Met het beleid voor ecologie en biodiversiteit krijgt ook de ecologische waarde van het groen een nadrukkelijkere plaats in het beheer. Op geschikte locaties bieden we meer ruimte aan natuurlijke ontwikkeling en passen we ecologisch beheer toe. Op locaties waar gebruik, verkeersveiligheid of sociale veiligheid daarom vragen, wordt intensiever beheerd. Het gewenste onderhoudsbeeld kan daardoor per locatie verschillen. Een ruiger groenbeeld betekent niet automatisch dat sprake is van onvoldoende onderhoud. Dit kan het gevolg zijn van een bewuste keuze voor ecologisch beheer. Uitgangspunt blijft dat het groen zijn functie vervult en dat veiligheid en duurzame instandhouding zijn geborgd.
Areaal en actuele staat
Het gemeentelijke groenareaal bestaat uit verschillende typen openbaar groen, waaronder gras, bermen, beplanting en gemeentelijke bomen. Het areaal is vrijwel volledig opgenomen in het gemeentelijke beheersysteem. De beschikbare beheerinformatie vormt de basis voor het programmeren en uitvoeren van het onderhoud.
Het beheer van groen en bomen is de afgelopen jaren verder geprofessionaliseerd. Periodieke inspecties en actuele beheerinformatie worden gebruikt om de onderhoudsbehoefte te bepalen. Het dagelijks onderhoud is planmatig georganiseerd en voor een belangrijk deel bij marktpartijen ondergebracht. Digitale beheerinformatie ondersteunt de sturing op onderhoudsfrequenties en afgesproken kwaliteitsniveaus.
Iedere maand wordt een schouw gedaan op basis van beeldkwaliteit. Voor groen is op basis van de beschikbare informatie geen actueel percentage beschikbaar dat aangeeft welk deel van het areaal wel of niet aan het gewenste onderhoudsniveau voldoet. Anders dan bij wegen is een dergelijk percentage ook minder geschikt als algemene maatstaf, omdat de gewenste kwaliteit afhankelijk is van de functie en het type groen en steeds meer rekening wordt gehouden met ecologische doelstellingen.
Onderhoudsopgave 2027-2031
Het reguliere groenonderhoud is gericht op het duurzaam in stand houden van het areaal. Daarbij gaat het onder andere om maaien, snoeien, onderhoud van beplanting en het beheer en onderhoud van gemeentelijke bomen. Tegelijkertijd ontwikkelen we het beheer verder in de richting van ecologisch beheer. Op geschikte locaties zetten we onder andere in op gefaseerd maaien, meer variatie in beplanting en het versterken van groenblauwe verbindingen. Daarbij zoeken we steeds naar een balans tussen gebruik, veiligheid, onderhoudbaarheid en ecologische waarde. Voor bomen staat naast duurzame instandhouding de veiligheid centraal. Door periodieke inspecties en planmatig onderhoud geven we invulling aan onze zorgplicht en kunnen noodzakelijke maatregelen tijdig worden geprogrammeerd.
Financiële toereikendheid en uitvoerbaarheid
Het beheer en onderhoud van het openbaar groen wordt bekostigd uit de algemene middelen. De afgelopen jaren zijn de middelen voor het beheer van de openbare ruimte verhoogd om het onderhoud meer structureel op het gewenste niveau te brengen.
Het beheer van groen en bomen is inmiddels in belangrijke mate planmatig en contractmatig georganiseerd. Daarmee is een goede basis aanwezig om de beschikbare middelen gericht in te zetten. De uitvoering is daarbij mede afhankelijk van voldoende capaciteit en vakkennis binnen de gemeentelijke organisatie en bij marktpartijen.
De ontwikkeling naar meer ecologisch beheer vraagt daarnaast om andere werkwijzen en specifieke kennis. Werkzaamheden moeten op het juiste moment en op een passende manier worden uitgevoerd, waarbij rekening wordt gehouden met aanwezige natuurwaarden en beschermde soorten. Dit vraagt blijvende aandacht voor programmering, contractsturing en kwaliteitsbewaking.
Een risico is dat onvoldoende capaciteit of specialistische kennis binnen de organisatie én in de markt ertoe leidt dat werkzaamheden niet op het gewenste moment of kwaliteitsniveau kunnen worden uitgevoerd. We beheersen dit risico door het onderhoud meerjarig te programmeren, de uitvoering te monitoren en waar nodig bij te sturen.
Ontwikkelingen 2027
In 2027 zetten we het planmatige beheer en onderhoud van het openbaar groen en de gemeentelijke bomen voort. Daarbij borgen we de functionaliteit en veiligheid van het groen en geven we verder uitvoering aan de ambities op het gebied van ecologie en biodiversiteit.
Op geschikte locaties ontwikkelen we het beheer verder naar ecologisch beheer. Daarbij houden we rekening met de functie en het gebruik van de openbare ruimte. Met actuele beheerinformatie en periodieke inspecties blijven we de onderhoudsopgave volgen en sturen we de uitvoering waar nodig bij.
Groen (x1000) | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|
Onderhoud | € 4.992 | € 4.992 | € 4.992 | € 4.992 |
Kapitaallasten | € 529 | € 529 | € 529 | € 529 |
Totaal | € 3.257 | € 3.257 | € 3.257 | € 3.257 |
Gebouwen
Beheer en kwaliteitsniveau
We beheren en onderhouden onze gemeentelijke gebouwen om deze veilig, functioneel en duurzaam in stand te houden. Het noodzakelijke onderhoud leggen we per gebouw vast in een meerjarenonderhoudsplan (MJOP). Het MJOP geeft inzicht in de onderhoudsactiviteiten die de komende jaren nodig zijn en de financiële middelen die daarvoor benodigd zijn.
Voor het bepalen van de technische staat van onze gebouwen gebruiken we de methodiek van NEN 2767 Conditiemeting gebouwde omgeving. De uitkomsten van de conditiemetingen vormen de basis voor de MJOP's. Tijdens de vierjaarlijkse herinspecties brengen we naast gebreken en conditiescores ook risico's in beeld. Hierdoor kunnen we bij de onderhoudsprogrammering afwegen welke werkzaamheden noodzakelijk zijn en welke eventueel kunnen worden uitgesteld.
We onderscheiden voor onze gebouwen twee onderhoudsniveaus: basis en beperkt. Welk niveau we toepassen, hangt samen met de toekomstvisie voor het gebouw. Voor gebouwen die we in stand houden, hanteren we het onderhoudsniveau basis. Voor gebouwen waarvoor sloop, herontwikkeling, herbestemming of renovatie is voorzien, hanteren we een beperkt onderhoudsniveau. Daarmee stemmen we onze onderhoudsinspanningen af op het toekomstige gebruik van het vastgoed en voorkomen we onnodige investeringen.
Ook bij een beperkt onderhoudsniveau blijven veiligheid, wettelijke verplichtingen en de noodzakelijke functionaliteit van het gebouw geborgd.
Areaal en actuele staat
De gemeentelijke vastgoedportefeuille waarvoor we het onderhoud verzorgen bestaat uit 63 gebouwen:
Soort object | Aantal |
|---|---|
Begraafplaats/berging | 7 |
Brandweer | 5 |
Cultuur | 11 |
Eigen huisvesting | 3 |
Kinderopvang | 2 |
Overig | 11 |
Reddingsbrigade | 7 |
Sport | 8 |
Torens | 5 |
Woning | 4 |
Totaal | 63 |
De technische staat van de gebouwen wordt periodiek bepaald aan de hand van NEN 2767-conditiemetingen. Deze inspecties vormen samen met de MJOP's de basis voor de onderhoudsprogrammering.
Het nieuwe vastgoedbeheersysteem is inmiddels geïmplementeerd. De komende periode werken we verder aan het verbeteren en actualiseren van de vastgoeddata. Zo laten we een deel van de gebouwen inmeten conform NEN 2580, zodat we beschikken over actuele en eenduidige oppervlaktegegevens.
Onderhoudsopgave
De MJOP's vormen de basis voor het planmatig onderhoud aan de gemeentelijke gebouwen. Hiermee programmeren we werkzaamheden op het moment dat deze vanuit de technische staat en het gewenste onderhoudsniveau nodig zijn.
Naast regulier en groot onderhoud werken we aan de verduurzaming van de vastgoedportefeuille. Daarbij benutten we zoveel mogelijk natuurlijke onderhoudsmomenten uit de MJOP's. We plaatsen onder andere LED-verlichting, verbeteren isolatie en vervangen installaties door duurzamere varianten. Daarbij richten we ons in eerste instantie op gebouwen met de laagste energielabels.
Ook voor de eigen huisvesting werken we verder aan verduurzaming, onder andere met zonnepanelen, het onderzoeken van mogelijkheden voor duurzame energieopslag en het vervangen van klimaatinstallaties.
Daarnaast werken we aan een Meerjarenperspectief Vastgoed en een Routekaart verduurzaming gemeentelijk vastgoed. Hiermee brengen we de toekomstige ontwikkeling van de vastgoedportefeuille en de verduurzamingsopgave meerjarig in beeld.
Financiële toereikendheid en uitvoerbaarheid
De financiële onderhoudsbehoefte van de gemeentelijke gebouwen wordt bepaald aan de hand van de MJOP's. Daarmee worden de verwachte onderhoudswerkzaamheden en de benodigde financiële middelen meerjarig in beeld gebracht.
Bij de programmering houden we rekening met de technische staat, risico's en toekomstvisie van ieder gebouw. Door het onderhoudsniveau af te stemmen op het toekomstperspectief van een gebouw voorkomen we dat middelen worden ingezet voor onderhoud dat gezien een voorgenomen renovatie, herontwikkeling of sloop niet doelmatig is.
Een belangrijk aandachtspunt is de ontwikkeling van de onderhoudskosten. Prijsontwikkelingen in de bouw, wijzigingen in wet- en regelgeving en onverwachte technische gebreken kunnen ertoe leiden dat de werkelijke kosten afwijken van de ramingen in de MJOP's. Ook de verduurzamingsopgave kan leiden tot aanvullende investeringen. Door de gebouwen periodiek opnieuw te inspecteren en de MJOP's op basis daarvan te actualiseren, houden we de onderhoudsbehoefte en financiële gevolgen actueel.
Ontwikkelingen 2027
In 2027 voeren we het geplande reguliere en groot onderhoud aan de gemeentelijke gebouwen uit. Dit betreft ook onderhoud aan rijksmonumenten, waarvoor subsidies zijn aangevraagd. Onder andere verschillende panden, waaronder het gemeentehuis en de werkplaats aan de Zijperweg, worden geschilderd. Daarnaast vindt dakonderhoud aan het gemeentehuis plaats.
We gaan verder met de verduurzaming van de gemeentelijke gebouwen. Aan de hand van de MJOP's voeren we maatregelen uit zoals het aanbrengen van LED-verlichting, isolatie en het vervangen van installaties door duurzamere varianten.
Daarnaast verbeteren we de kwaliteit van onze vastgoeddata. Een deel van de gebouwen wordt in 2027 ingemeten conform NEN 2580. Ook werken we verder aan het Meerjarenperspectief Vastgoed en de Routekaart verduurzaming gemeentelijk vastgoed, waarmee we de toekomstige vastgoed- en verduurzamingsopgave verder uitwerken.
Gebouwen | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|
Onderhoud | € 789 | € 507 | € 563 | € 840 |
Kapitaallasten | € 3.305 | € 3.262 | € 3.229 | € 3.152 |
Totaal | € 4.094 | € 3.769 | € 3.792 | € 3.992 |
